De nieuwe federale beleidsverklaring, de fiscale kant bekeken

25 oktober 2016 De nieuwe federale beleidsverklaring, de fiscale kant bekeken

In het weekend van 13 oktober 2016 legde de regering een verlate beleidsverklaring voor. De reden van de laattijdigheid was de onenigheid tussen verschillende politieke partijen over bepaalde fiscale verschilpunten. Blijvende discussiepunten zijn bijvoorbeeld de hervorming van de vennootschapsbelasting, de meerwaarde op aandelen bij verkoop ervan, en de juiste wijze van aanwending van de grote hoeveelheid Belgisch spaargeld voor de economie. Er is wel overeenstemming over o.a. de verhoging van de roerende voorheffing op inkomsten uit aandelen en obligaties, en de vergroening van het wagenfiscaliteit. De volgende belastingmaatregelen zullen u volgend jaar reeds treffen:

De roerende voorheffing inkomsten uit aandelen en obligaties van de natuurlijke persoon die aandeel- of obligatiehouder is, stijgt in 2017 van 27% naar 30%. Dit betekent een verdubbeling van het tarief op zes jaar tijd.

Er worden maatregelen genomen ter vergroening van de wagenfiscaliteit.
Zo zullen de tankkaarten worden belast in hoofde van de werkgever. Per tankkaart zal dit de werkgever ongeveer € 250 kosten. Wel zal de werknemer of de bedrijfsleider voortaan de keuze krijgen tussen een bedrijfswagen of een fiscaal vriendelijk mobiliteitsbudget, waarmee de werknemer kan kiezen tussen verschillende vormen van vervoer. In welke vorm dit gegoten zal worden, is nog niet geheel duidelijk. Hierover wordt ook nog onderhandeld.

De maxima van de beurstaks verdubbelen tot € 1.600 voor aandelen, € 1.300 voor obligaties en € 4.000 voor beleggingsfondsen. Die aanpassing treft wel enkel de grotere transacties vanaf € 152.000 voor aandelenfondsen, € 296.000 voor aandelen en € 722.000 voor obligaties. Ook zal ze uitgebreid worden naar buitenlandse platformen, voor wie handelt via een buitenlandse tussenpersoon. Houdt dit buitenlands platform geen beurstaks in, dan zal de Belgische belegger deze taks moeten betalen via de aangifte personenbelasting.

Daarnaast zullen interne meerwaarden gerealiseerd bij inbreng in of verkoop van aandelen aan andere vennootschappen die men ook zelf controleert, worden belast. Voorheen was deze meerwaarde onbelast;

Een laatste bron om meer inkomsten te vinden is de opvoering van de strijd tegen fiscale en sociale fraude, onder andere doordat er meer ambtenaren bij de BBI aangeworven worden.

Arbeidsrechtelijk en sociaalrechtelijk

Ook op het arbeidsrechtelijk en sociaalrechtelijk vlak worden er maatregelen genomen, en dit om de werkgelegenheid te bevorderen.

Zo zullen er soepelere voorwaarden ingevoerd worden met betrekking tot nachtwerk in de e-commercesector, zodat deze banen niet naar het buitenland verdwijnen. Daarnaast worden de regels omtrent deeltijdse arbeid, overuren en werkuren minder rigide gemaakt, bijvoorbeeld door de schrapping van de verplichting om alle uurroosters in het arbeidsreglement op te nemen, en zijn er aanpassingen aan het opsparen van verlof. Ook maatregelen met betrekking tot de loonkloof zijn genomen. De wet betreffende de competitiviteit wordt daarvoor aangepast om de lonen meer in lijn met de buurlanden te brengen.

Er was nog sprake van nieuwe belastingen op arbeid en consumptie, dit is echter niet te vinden in de beleidsverklaring; zo stijgen ook de btw en accijnzen stijgen niet. Er komt daarentegen eveneens geen indexaanpassing.

Naast deze aanpassingen aan de inkomstenkant zijn er ook veel maatregelen aan de uitgaven van de overheid, waar de zwaarste inspanning te vinden is in de gezondheidszorg en de (ambtenaren)pensioenen.

Als er nieuwe maatregelen genomen worden, of wanneer er meer bekend is over de invoering van de bovenstaande maatregelen, houden wij u hier uiteraard van op de hoogte.

MEER INFO?

Artikel: Verhoogde roerende voorheffing vanaf 1 januari 2017.