Fiscale aftrek voor inkomsten uit innovatie

21 februari 2017 Fiscale aftrek voor inkomsten uit innovatie

Eind juni 2016 voorzag de regering onder druk van de OESO in de afschaffing van de toenmalige octrooiaftrek vanaf 1 juli, met overgangsregeling. Bij de afschaffing van dit stelsel had zij beloofd om voor 2017 in een nieuw stelsel te voorzien dat (retroactief) in werking zou treden vanaf 1 juli 2016. Begin december was het voorontwerp door de regering goedgekeurd en naar de Raad van State gestuurd. Begin februari is het wetsontwerp goedgekeurd in de Kamer.

 

Contouren

Zoals de wet er nu uitziet, kan de belastingplichtige het volgende verwachten:

  1. de aftrek is niet langer gebaseerd op de bruto-inkomsten die bedrijven uit octrooi-activiteiten halen, maar op de netto-inkomsten. Er wordt voortaan dus ook rekening gehouden met bijvoorbeeld de kosten;
  2. de aftrekbaarheid wordt verhoogd van 80% naar 85 % van deze inkomsten. Zodoende wordt maar 15% van de netto-inkomsten die onder het regime vallen, belast;
  3. het toepassingsgebied wordt uitgebreid: tot nu toe gold de aftrek enkel voor inkomsten uit octrooien en aanvullende beschermingscertificaten. Voortaan geldt hij ook voor innovatie-inkomsten uit kwekersrechten, weesgeneesmiddelen, data- of marktexclusiviteit en auteursrechtelijk beschermde computerprogramma’s aangevraagd na 1 juli 2016 of verworven na 30 juni 2016. Om de aftrek te genieten voor ontwikkelde software moet volgens de memorie van toelichting een bijkomend bindend advies verkregen worden van de federale overheidsdienst voor wetenschapsbeleid (BELSPO) die moet bevestigen dat de software tot stand is gekomen in het kader van een kwalificerend onderzoeks- en ontwikkelingsprogramma of –project. Dit is helaas een extra administratieve last;
  4. ook schadevergoedingen wegens schending of vervreemding van de intellectuele eigendomsrechten kunnen in aanmerking komen, mits een wederbelegging van deze inkomsten binnen vijf jaar in onderzoek voor andere intellectuele eigendomsrechten. Daarnaast moet dit intellectueel recht tot stand gebracht zijn ten laatste in het vorig belastbaar tijdperk of ten laatste in de afgelopen 24 maanden zijn aangeschaft;
  5. een deel van de winsten kan reeds vrijgesteld worden vanaf het moment dat een aanvraag wordt ingediend (in het bijzonder relevant voor octrooien en kwekersrechten). Hiervoor zal een tijdelijke vrijstelling worden toegekend, in afwachting van de uiteindelijke goedkeuring en verkrijging van het octrooi of het kwekersrecht;
  6. de ongebruikte aftrek kan voortaan ook worden overgedragen naar een volgend belastbaar tijdperk, en blijft gelden na fusie of splitsing;
  7. de aftrek is gekoppeld aan een zogenaamde ‘nexus’-breuk. Dat betekent dat de berekening gebeurt op basis van de uitgaven voor de zelf uitgevoerde onderzoeks- en ontwikkelingsactiviteiten in verhouding tot het totaal van O&O-uitgaven.

Met dit laatste wordt bedoeld: de eigen activiteiten, de uitbestede activiteiten en de verworven activa ontwikkeld door andere ondernemingen. De aftrek geldt dan enkel op het deel van de inkomsten dat overblijft na het in mindering brengen van de betrokken O&O-kosten die gemaakt zijn door andere ondernemingen, verhoogd met 30%. Dit impliceert dat ondernemingen dienen aan te tonen dat de betreffende kosten werkelijk te maken hebben met zelf uitgevoerd onderzoek en ontwikkeling. Hiervoor zullen zij onderworpen worden aan een uitgebreide documentatieplicht en een niet te onderschatten complexiteit aan boekhoudkundige aanpassingen om de kwalificerende kosten en inkomsten op te kunnen volgen.

 

Onmiskenbaar voordelen, maar ook lasten

We kunnen concluderen dat het nieuwe regime, zoals het er nu uitziet, onmiskenbaar meer voordelen en toepassingsgevallen heeft dan het oude regime, maar helaas moeten we ook vaststellen dat de administratieve last van ondernemingen die er gebruik van wensen te maken, niet gering is.